• Frievar

Frievar BV ontvangt VIA subsidie van Samenwerkingsverband Noord Nederland

Bijgewerkt: 26 nov 2018







Friese boeren willen nieuw varken creëren


Innovatie versneld dankzij VIA subsidie van Samenwerkingsverband Noord Nederland


Varkenshouders Mark van Sambeek en John Lorist willen een nieuwe zeug ontwikkelen   Eentje die dankzij betere leefomstandigheden, intramusculair vet, gevarieerde voeding, een hoger welzijn, minder antibioticagebruik, veiliger transport en een diervriendelijke slachtproces vitaler is en dus lekkerder vlees geeft. De heren vroegen er de VIA subsidie voor aan en kregen die verleend. Het innoveren kan beginnen.


In 1992 troffen Mark van Sambeek (53) uit Echtenerbrug en John Lorist (55) uit het nabijgelegen Hemelum elkaar voor het eerst. Lorist leverde fokzeugen aan Van Sambeek en het klikte: de twee deelden dezelfde visie op de varkenshouderij en zagen kansen om de markt te verbeteren en klaar te maken voor de toekomst. In 2005 besloten ze te gaan samenwerken en zetten ze een franchise-onderneming op: Frievar.


Franchise Frievar

In de loop van de jaren sloten zich nog 23 bedrijven uit heel Nederland bij hen aan. De franchise constructie is vrij uniek in Nederland. Daar zijn er maar een paar van. Samen kopen de boeren voer in voor een lagere prijs, lossen ze problemen gemakkelijker op, verkopen ze meer slachtvarkens en zijn ze een betere partij in de markt. Er wordt beter naar hen geluisterd en ze krijgen meer voor elkaar. En nu gaan ze Lorist en Van Sambeek, met steun van de VIA, de varkenshouderijen binnen de gehele franchise innoveren om gezonder vlees te ontwikkelen.


Nieuwe zeug

Heel simpel gezegd vroegen de varkenshouders de VIA aan voor de ontwikkeling van een nieuwe zeug. Dat klinkt een beetje gek, en ook de beoordelaars van Samenwerkingsverband Noord Nederland waren aanvankelijk in de veronderstelling dat het veranderen of beïnvloeden van de genetica van een dier niet mogelijk was, maar Lorist en Van Sambeek doen al jaren niet anders. Ze willen het nu alleen groter en completer aanpakken. De aanleiding hiervoor was de slechte reputatie van de vleesindustrie onder het grote publiek. ,,Dioxine, voedselschandalen, paardenvlees dat rundvlees bleek te zijn, we kregen er genoeg van”, vertelt Lorist. ,,Wij wilden het beter doen.”


Eerlijk en transparant

De innovatie zit hem in het feit dat ze een aantal zaken met elkaar combineren die voorheen niets met elkaar te maken hadden. Het fokproces stond los van het transport en het slachtproces had niets van doen met het voer. Lorist en Van Sambeek willen álle losse onderdelen innoveren.

Van Sambeek legt uit: ,,We willen invloed uitoefenen op de hele keten. Want onze visie is dat de verbetering van slechts één onderdeel te weinig oplevert voor het eindresultaat. Wij kunnen onze varkens nog zo goed behandelen, maar als het transport of slachtproces ze veel stress oplevert merk je dat aan het vlees. Het een gaat niet zonder het ander en wij willen een compleet verhaal kunnen vertellen. Eerlijk en transparant. Dat is het unieke aan ons project.”


Intramusculair vet: mals en smakelijk

De uitdaging is om een varken te creëren met beter vet, op de juiste plekken. Want vlees met een dikke vetrand, dat koopt de consument niet. Maar een droog stuk vlees waar kraak nog smaak aan zit, daar zit ook niemand op te wachten. Lorist: ,,Vet geeft smaak aan een stuk vlees, dus zijn we daarmee aan de slag gegaan. Door de juiste varkens met elkaar te kruisen, willen we een dier creëren dat geen dikke speklaag heeft maar wel veel intramusculair vet. Dit zijn kleine vetadertjes in het vlees die het lekker mals en smakelijk maken, en die verdwijnen tijdens de bereiding.” De gekruiste fokzeugen van de varkensfokkerij van Lorist worden bij een stuk of acht varkenshouders vermeerderd en daarna verkocht aan alle boeren binnen de franchiseketen. ,,Zo kan elke boer binnen de Frievar-keten slachtvarkens leveren met het juiste vet”, vertelt Van Sambeek.


Steuntje in de rug

Een project als dat van Lorist en Van Sambeek kost heel veel tijd. Tijd die uitbetaald moet worden aan de werknemers die het project voor hen uitvoeren. Omdat uren zich lastig laten financieren bij een bank, was de VIA perfect voor ons. Een mooi steuntje in de rug waarmee we het project beter en sneller kunnen uitvoeren”, aldus Lorist. Vooralsnog hebben ze er anderhalf jaar voor uitgetrokken. ,,Maar eigenlijk zijn we nooit klaar. We zijn in feite ook al dertig jaar bezig met verbeteren en hopelijk komt daar nog eens dertig jaar bij.”


Lachende varkens

Aan het eind van de keten die Lorist en Van Sambeek willen innoveren zit DNA-tracering. Een - nu nog - vrij nieuw concept waarmee ze hun vlees traceerbaar willen maken, zelfs wanneer het al bij de consument op het bord ligt. Lorist: ,,Op die manier kunnen we eventuele klachten veel gemakkelijker behandelen. We kunnen nagaan of het vlees wel echt bij ons vandaan komt en zelfs van welk varken.” In de fokkerij van Lorist worden de varkens van één familie van jongs af aan bij elkaar gehouden. ,,Net als in de natuur. Ze voelen zich er prettiger door en worden minder vaak ziek. Tel daarbij op dat de varkens gezonder leven en gevarieerder eten en je hebt nog maar amper antibiotica nodig.”

Dat eten bestaat uit duurzaam geteeld ruwvoer, gecombineerd met een aantal kruiden waaronder tijm, knoflook, oregano, fenegriek en jeneverbes. ,,Als je een varken wilt zien lachen, moet je ze goed bekijken wanneer ze die kruiden krijgen. Wanneer ze de jeneverbessen kapot bijten geeft dat zo’n geur-explosie dat ze er letterlijk van grimassen. Het is echt een feest voor ze”, vertelt Lorist met een glimlach.


Subsidieadviseur

Het aanvragen van de VIA was best ingewikkeld, vertelt Van Sambeek. ,,We hadden het niet alleen kunnen doen. Gelukkig hebben we een goede subsidieadviseur die ons hierbij hielp.” Twee keer ontvingen ze een voorlopige afwijzing van subsidieverstrekker Samenwerkingsverband Noord Nederland. ,,Maar we kregen steeds de kans om onze standpunten nog eens extra te beargumenteren.” Dit leidde uiteindelijk toch tot de subsidieverlening. Van Sambeek: ,,Ik kan het andere ondernemers aanraden om de VIA ook aan te vragen als zij willen innoveren, maar ik raad ze ook aan om hierbij een adviseur in de arm te nemen.”


Veredeling en tijd

Op dit moment zijn de initiatiefnemers bezig met de voorbereidingen. Alle stappen en data moeten in programma’s en matrixen worden vastgelegd. Belangrijk zijn de vetmetingen met de Life Muscle Scan. Deze metingen van de rug van het varken kunnen een voorspellende waarde hebben voor het vet in de overige delen van het dier. Het is een omvangrijk project waarbij de tijdsfactor niet geheel is te overzien en het kruisen van bepaalde eigenschappen geen garantie is voor snel succes.

Toch verwachten Lorist en Van Sambeek veel van hun innovatie. ,,Uiteindelijk moet iedereen er beter van worden. De varkens omdat hun welzijn omhoog gaat, wijzelf doordat we minder zieke dieren hebben en uiteindelijk de hele maatschappij omdat we met z’n allen gezonder vlees eten”, legt Van Sambeek uit.


Toegevoegde waarde

Het zal nog een uitdaging worden om het nieuwe vlees aan de man te brengen. Hiervoor moeten zich eerst nog meer boeren bij hen aansluiten en vervolgens moeten slagers, supermarkten en uiteindelijk de consument er warm voor gaan lopen. ,,Wij geven ons vlees door deze manier van werken veel toegevoegde waarde mee. Dit maakt het product duurder. Als we niet uitkijken, prijzen we onszelf uit de markt. Dan hebben we voor niets heel veel tijd en geld geïnvesteerd.”

Maar de mannen hebben blijkbaar genoeg vertrouwen, ander begonnen ze er niet aan. En komt tijd, komt raad. Dat ze uiteindelijk een meerwaarde worden voor de hele handel, begint met hun eigen enthousiasme. En daar ontbreekt het ze niet aan.

Dit project wordt mede gefinancierd door het Europees fonds voor Regionale Ontwikkeling en de provincies Fryslân, Groningen en Drenthe.



86 keer bekeken

Frievar BV

Postadres: de Soal 4, 8584VS Hemelum

E-mail: info@frievar.com

Copyright (c) 2020-Frievar